De vier assen
- Melksoort: koe, geit, schaap.
- Rijping: van vers tot overjarig.
- Structuur: smeerbaar, soepel, hard, kruimelig.
- Korst: natuurkorst, gewassen korst, witschimmel, blauwader.
Een plank die op elke as verschil laat zien, blijft interessant tot de laatste hap.
Hoeveelheden
| Gelegenheid | Per persoon | Aantal soorten |
|---|---|---|
| Borrel vooraf | 50 tot 70 gram | 3 |
| Kaas als nagerecht | 80 tot 100 gram | 3 tot 4 |
| Kaas als hoofdgerecht | 130 tot 160 gram | 5 tot 6 |
Opbouw
Met de klok mee van mild naar pittig, beginnend bij de verse kaas. Blauwader aan de rand en met een eigen mes, anders trekt die smaak door alles heen.
Snijden
- Ronde kaas: in punten vanuit het midden, zodat iedereen korst en hart krijgt.
- Blok gouda: in plakken van een halve centimeter, niet in blokjes.
- Verse geitenkaas: in rondjes met een draad of een warm mes.
Temperatuur
Een uur voor het serveren uit de koeling. Kaas op koelkasttemperatuur geeft zijn aroma niet af, en dat is het grootste verschil tussen een matige en een goede plank.